Uren brachten ze met elkaar door: CAMA zendeling Matthijs Westerkamp en Ahmed (zie foto). Matthijs schreef onlangs een indrukwekkend verhaal uit Niger, waar hij samen met zijn gezin zendeling is.

“Meestal zaten we op het terras van ons huis. De eerste ontmoetingen waren ongemakkelijk. We spraken elkaars taal niet. Langzamerhand veranderde dat en leerden mijn vrouw en ik beetje bij beetje het ‘Tamajaq’, de taal van de Toeareg-nomaden. We begonnen elkaar te waarderen en lachten om verhalen, de verschillende culturen en misverstanden.

Ahmed is een trotse Toeareg man van middelbare leeftijd heeft altijd zijn tulband om. We zijn met elkaar bevriend geraakt en praten regelmatig met elkaar over de Bijbel, in zijn eigen taal.

Vaak geeft Ahmed aan dat hij het er helemaal mee eens is, ook op momenten waar het christelijk geloof zich duidelijk onderscheidt van andere geloven. Hij vertelt ons over een indrukwekkende droom die hij als tiener heeft gehad en waarin Jezus aan hem verscheen. De laatste jaren ontmoeten we elkaar zo nu en dan. Een tijd lang komt hij naar de wekelijkse Toeareg Bijbelstudie avonden die ik namens de lokale kerk leid. Hij geniet zichtbaar en is één en al oor.

Ahmed heeft een zware beroerte gehad

Op een dag word ik geroepen dat het niet goed gaat met Ahmed. Diezelfde ochtend ga ik naar zijn hut. Er is niet veel over van de statige man die ondanks zijn armoede er altijd verzorgd uitziet. Ahmed heeft een beroerte gehad.

Na een aantal weken verdwijnt de hoop dat hij gaat herstellen langzaam. Ahmed wil niet meer eten en drinken, wil geen medicijnen meer en verliest de motivatie om zijn oefeningen te doen. Elke keer als ik kom vraagt hij om gebed. Ik bid met hem, vertel aan zijn vrouw, broer en zus over Jezus en neem de Bijbelstudie groep mee naar hem toe. Ik kan merken dat het Ahmed keer op keer raakt.

Op een ochtend word ik door de broer van Ahmed gebeld. Het gaat slecht met hem en als ik daar aan kom is er geen contact meer met hem te krijgen.  Hij zal hier waarschijnlijk gaan sterven in zijn hut.

Afscheid nemen

Die avond loop ik het terrein op en zie zo’n 15 tulbanden om zijn matras zitten die onder de open hut staat. Veel mannen zijn gekomen om afscheid te nemen. Ahmed ligt op een matje met zijn ogen dicht. Ik ga er bij zitten. De mannen zitten allemaal in stilte. Vlakbij zit een oudere man met zijn gebedsketting te murmelen, te bidden.

Om de beurt raken de mannen Ahmed aan, niet om contact te maken maar om zijn hartslag te voelen of om te voelen of hij warm aanvoelt. Ahmed ligt er vredig bij. Hij ademt langzaam in en uit. Er komt een plek vrij naast zijn matras en ga naast hem zitten.

Ik pak zijn hand vast en groet hem in het Tamajaq. Iemand van de groep geeft aan dat het geen zin heeft en misschien verbeeld ik het me, Ahmed knijpt in mijn hand. Ik praat nog een keer en voel weer een knijpje. Ik negeer de stemmen die zeggen dat het geen zin heeft en vraag of hij water wil, weer een kneepje. Ik heb een bidon meegenomen en probeer het hem te geven. Hij kan het water niet binnen houden. Ik blijf er bij zitten.

Kiezen voor Jezus

Het is stil maar ergens verderop in de wijk hoor ik een kerkkoor zingen of repeteren, wat een mooi moment. Ik bid dat God me een teken zal geven als ik voor Ahmed voor genezing moet bidden. Ik krijg niet het gevoel dat ik dat moet doen. Wel bid ik op zacht maar hoorbaar voor degene om me heen in het Nederlands. Ik bid dat Ahmed, als hij nog niet de keuze voor Jezus heeft gemaakt dit alsnog zal maken.

Ergens heb ik het gevoel dat die keuze al lang is gemaakt maar niet publiekelijk. Een van de mannen staat op en vindt dat het niet licht genoeg is, hij wurmt een zaklamp tussen de takken van de hut om zo wat meer licht te maken. Ik kijk naar boven, het licht van de zaklamp schijnt precies op de leren kaft met daarin de Bijbel in het Tamajaq die hij ooit van me heeft gekregen. Dit boek zit tussen de takken van de hut en wonderlijk genoeg precies boven Ahmed.

Goede Vrijdag

De volgende ochtend, op Goede Vrijdag, hoor ik dat Ahmed is overleden. Op het terrein komt zijn broer naar me toe, ik condoleer hem. Zijn broer vertelt me dat gisteren laat in de avond iemand Ahmed water probeerde te geven. Ineens kwam hij bij, pakte de hand van die persoon en zei in het Engels: ‘Matthias, thank you’. Heeft hij mijn gebed nog verstaan? Wist hij dat hij er klaar voor was Jezus te ontmoeten?

Op de begraafplaats ben ik me bewust van goede vrijdag. Een dag van sterven maar ook een dag die de wederopstanding mogelijk maakte. Ons team van CAMA is ondertussen bij elkaar, zoals elke vrijdag morgen om samen voor ons werk en de mensen die we ontmoeten te bidden. Ze vieren samen avondmaal. Bij het graf bid ik dat Ahmed de man tegen zal komen die hij als tiener in een droom ontmoette en dat Hij hem met zijn handen wijd open zal verwelkomen. Openlijk heeft Ahmed nooit Jezus beleden maar dat betekent nog niet dat hij nooit een keuze heeft gemaakt.”

Ben jij ook zo blij met onze zendelingen en bekeringsverhalen? Om ons werk te kunnen doen in 2020 hebben we jóuw hulp nodig. Overweeg een eindejaarsgift of maandelijkse bijdrage. CAMA Zending heeft een structureel tekort van €2.000 per maand. Samen met jou kunnen we van Jezus getuigen en onbereikte volken bereiken met het Evangelie. Geef het door!